Doorgaan naar hoofdcontent

Corona, vakanties en sociale ongelijkheid - Bart Van Spaendonk

Vijf weken geen school! De onderwijswereld staat op z’n kop. Hoe moet dat nu? Lopen leerlingen geen hopeloze leerachterstand op? Hoe blijven we hen van op afstand prikkelen, motiveren? Hoe zorgen we ervoor dat ze leerinhouden herhalen en verder inoefenen? Of dat er toch zo weinig mogelijk wordt vergeten?
De praktische vragen die heel wat leerkrachten zich nu stellen, bereiken al snel een fundamenteler niveau: wat mogen we eigenlijk verwachten van leerlingen en hun ouders? Kunnen we wel van alle leerlingen en ouders hetzelfde verwachten? Werkt deze crisis de sociale ongelijkheid niet verder in de hand?

Deze boeiende denkoefening komt voort uit een terechte bezorgdheid. Talloze onderzoeken tonen immers aan dat een te lange onderbreking een nefaste invloed heeft op de leerwinst die leerlingen daarvoor behaalden. Bovendien geldt dat leerlingen met een kansarme achtergrond hier meer schade van ondervinden dan hun klasgenoten uit meer welgestelde gezinnen. Dus ja: deze vijf schoolloze weken werken de sociale ongelijkheid verder in de hand, alle inspanningen van zorgzame leerkrachten ten spijt.

Van ver!
Bizar toch, dat we ons hier nu vragen bij stellen, terwijl we de schoolpoort elke zomer voor àcht weken sluiten.
“Ze komen van ver, hoor!” is een vaak gehoorde uitspraak in de leraarskamer aan het begin van een nieuw schooljaar. Zelfs de meest ervaren leerkrachten blijven zich er over verbazen. En zelfs van de meest ervaren leerkrachten vraagt het heel wat aanpassingsvermogen om al die leerprocessen weer in gang te trekken.
De summer setback, ook wel  het afbrokkelen van eerder opgedane leerwinst genoemd, is een niet te onderschatten kwaal in ons onderwijssysteem. Leerlingen uit sociaal kwetsbare gezinnen lopen tegen het vijfde leerjaar zo maar liefst 2,5 tot 3 jaar vertraging op.
Uit Peiling wiskunde basisonderwijs - reflectie op resultaten - 7 juni 2017 - Joke Torbeyns, Wim Van Dooren en Lieven Verschaffel

Er wordt zelfs gesteld dat de kloof tussen kansarme en kansrijke kinderen bijna volledig tijdens de zomervakantie ontstaat.
“Ik kom van ver, hoor!” is trouwens óók een vaak gehoorde uitspraak onder leerkrachten na de zomervakantie. Hoe welkom de zomermaanden ook zijn, en hoe zinvol het voor leerlingen én leerkrachten ook is om regelmatig een pauze in te lassen: het opstarten van een nieuw schooljaar wordt door veel leerkrachten als een hele klus ervaren, net wanneer - of net omdat - het aan werkritme ontbreekt.
Over het algemeen wordt de zomervakantie niet in vraag gesteld. In juli en augustus blijven kinderen thuis. Meer dan 100 jaar geleden was dat ook logisch en verdedigbaar: hun hulp was immers nodig bij het binnenhalen van de oogst. Voor hoeveel leerlingen gaat die redenering nu echter nog op? Toch houden we vast aan twee maanden zomervakantie, die waarschijnlijk uit die nood aan helpende handen op het veld is ontstaan.

Waarom zetten deze vijf schoolvrije weken ons dan wél aan het denken?
Misschien wordt deze periode door veel leerkrachten als meer prangend ervaren omdat ze (hopelijk) na de paasvakantie weer met dezelfde klasgroep aan de slag gaan. Ze vrezen te ondervinden wat er van hun werk verloren is gegaan bij hun leerlingen. Na een zomervakantie valt die achteruitgang over het algemeen minder op, om de eenvoudige reden dat leerlingen veelal bij een andere leerkracht terecht komen, die niet rechtstreeks heeft ervaren hoe ver de leerlingen twee maanden eerder toch al stonden.
Scholen waarbij leerkrachten twee of meer schooljaren eenzelfde klasgroep begeleiden (‘looping’), lijken deze summer setback dan ook veel bewuster te beleven.
De omstandigheden zijn uiteraard ook geheel verschillend: de coronacrisis dringt zich plots op, niemand was hier (mentaal) op voorbereid. Het onverwachte van deze uitzonderlijke situatie is niet te vergelijken met het systematisch toewerken naar het einde van een schooljaar.
En net daar schuilt de reden waarom we ons zo weinig vragen stellen bij die lange zomervakantie: de macht der gewoonte. 
Ontwricht vakantiesysteem?
Waarom blijven we aanmodderen in een ontwricht vakantiesysteem, terwijl we ons er goed van bewust zijn dat het de ontwikkeling van - voornamelijk kansarmere - leerlingen vaak belemmert?
Vakanties zijn cruciaal, een korte pauze op geregelde tijdstippen is zelfs een absolute must. Ook met het aantal vakantiedagen is niets mis. Het is dan ook niet de hoeveelheid, maar de spreiding ervan die hier ter discussie staat.
Ook buiten de onderwijswereld wordt er nagedacht over de ‘grote’ vakantie. Zo haalde Geert Noels gisteren economische argumenten aan om de volgende zomervakantie in te korten.
Of dat nu halsoverkop moet gebeuren, is maar de vraag. En of het bij een eenmalige herziening van de kalender moet blijven, is ook minstens een grondig debat waard.
De economie wint wellicht bij een tijdelijke maatregel, onze leerlingen winnen nog meer als we op een structureel niveau na durven denken over de schoolkalender.

Ja, het vraagt moed om de zomervakantie met een tweetal weken in te korten. Het vraagt enig puzzelwerk om alle trimesters ongeveer evenredig te verdelen. Het vraagt lef om de vakanties los te koppelen van christelijke feestdagen – wat het ongelijke gewicht van de verschillende trimesters verklaart.
Als we echter op die manier de leerwinst van onze leerlingen veiliger kunnen stellen, als we op die manier de verschillen tussen leerlingen uit verschillende sociale klassen kunnen verkleinen, zijn we het onszelf én hen verplicht die moed op te brengen en onze schoolkalender grondig te durven herzien.

Reacties

  1. Wat als we de grote vakantie nu echt zouden inkorten maar op woensdag de leerkrachten kindvrij maken waardoor zodat ze op die dag tijd hebben voor overleg , voorbereidingen, bijscholingen, ...? Het andere werk die er zowiezo bij komt. Dan krijgen ze ruimte om dit wekelijks af te stemmen op de noden van hun kinderen.

    BeantwoordenVerwijderen

Een reactie posten

Populaire posts van deze blog

Hoera, mijn kind verveelt zich! - Els Menu & Greet Herssens

We worden vandaag overstelpt met honderden leuke ideeën waarmee je je kinderen aan het spelen kan zetten. Langs verschillende kanalen worden kinderen dagelijks uitgedaagd om een filmpje te maken, een spel te spelen, een opdracht te vervullen, … kortom zich zinvol bezig te houden. Zolang ze zich maar niet vervelen. Maar het ‘spannende’ van het sluiten van de scholen is er stilaan afgeraakt, het enthousiasme voor als deze uitdagingen raakt bekoeld.  

Als kinderen het gevoel hebben dat ze zich vervelen grijpen ze heel snel naar hun gsm, hun tablet, de computer of nestelen ze zich voor de televisie. Een andere optie is zeuren: ‘ik verveel mij…’, en vervolgens hopen dat iemand anders met een voorstel aankomt. Het is eigenlijk helemaal niet zo vreemd dat onze kinderen zich in deze coronatijd vervelen. Velen van hen hebben het hele jaar door een drukke agenda die dag in dag uit volgeboekt staat. Op school krijgen ze de ene taak na de andere en alle vrije tijd wordt ingenomen door sport, hobby…

Thuis met kleuters in tijden van Corona - Evelien Krijn

Het hele land ligt plat ten gevolge van het coronavirus. De maatregelen zijn ongezien: alles is dicht, scholen bieden enkel noodopvang, ouders werken waar mogelijk van thuis. En zo zitten we opeens drie weken voor de paasvakantie allemaal samen thuis!

Geen extra vakantie, zoveel is duidelijk! Werkbundels werden uitgedeeld, mails met opdrachten verstuurd, onlineplatformen worden ingezet… Maar wat nu met onze kleuters?

Structuur bieden
In de kleuterklas heeft een dag een duidelijke opbouw en een duidelijke structuur. Deze wordt visueel gemaakt aan de hand van een daglijn, zodat kleuters vat krijgen op de dagstructuur. Ook thuis is het zinvol om de dag te structuren en visueel te maken. Vele ideetjes kan je online vinden via Google of Pinterest.
In dit artikel van UCLLkrijg je het advies om de tijd op te splitsen in alleen-tijd en samen-tijd. Wat houdt dat nu precies in?




Alleen-tijd Hoe lang de alleen-tijd kan duren hangt af van je kleuter. Dan gaat het niet alleen om de leeftijd, maar ook h…

Help, hoe motiveer ik mijn leerlingen?! - Nele Van Oosten

Als motiveren niet vanzelf gaat, Beginnen we beter bij het begin, Coronatijden of niet.

Na drie weken afstandsleren zit ik hier met een licht hoera gevoel. Oef, we hebben het gehaald. En toch ook wel: oei, wat zal het na de paasvakantie worden? Intussen weten we dat - als de scholen dichtblijven - er ook  nieuwe leerstof op het programma zal staan. Mij deed het even sidderen, net een beetje m’n draai gevonden en alweer een nieuw appèl: nieuwe leerstof aanbieden én je leerlingen gemotiveerd houden.  Hoe werkt motivatie voor leerlingen dan? Motivatie kent drie componenten en ze zijn universeel: ze gelden dus even goed voor ons als volwassenen. Als we nog een poosje doorgaan, dan is dit abc wellicht een mooie leidraad. 

Uit wat thuis werkt (2 lagereschoolkinderen  en 1 tiener in het secundair) en uit mijn job als onderwijscoach bundelde ik een aantal suggesties.  Bekijk het als een menu, eet niet alles van de kaart,  maar selecteer wat nu het best zou smaken, waar je nu zin in hebt of wat j…